Actueel

VNG: samen naar de gemeente van Morgen

28-02-2019 5 minutenPeter-August Keur

De gemeente van Morgen is verweven met de overheid en het bedrijfsleven van Morgen, aldus Nathan Ducastel, directeur Informatiesamenleving bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Daarom is het belangrijk om integraal te kijken naar de toekomst en de maatschappelijke veranderingen die op ons af komen.

De VNG staat, als platform waar gemeenten elkaar treffen, tussen veel ontwikkelingen in. Morgens-consultant Peter-August Keur ging met Nathan Ducastel in gesprek over de gemeente van Morgen en de veranderingen die we kunnen verwachten in de komende 5 tot 10 jaar.

Hoe ziet de gemeente van Morgen eruit?

Decentralisatie en digitalisering

 “Over vijf jaar heeft digitalisering een grote impact gehad op de dienstverlening van gemeenten. Er komt steeds meer werk op gemeenten af en daarnaast is er een grote uitstroom van mensen door de vergrijzing.

Digitalisering maakt het mogelijk om deze complexiteit enigszins te managen. Dat betekent niet dat je als gemeente alles zelf moet doen. Gemeenten raken namelijk steeds meer met elkaar verbonden, bijvoorbeeld door samenwerkingsverbanden die zijn aangaan. Die zullen groeien en verstevigen.”

‘Common Ground’

“Een van de ontwikkelingen waar de VNG mee bezig is in dit kader, is ‘Common Ground’. Dat is een ICT-architectuurprincipe. Maar het zijn ook voorzieningen op ICT-gebied, die het gemeentelijk software- en -applicatielandschap gaan veranderen. Common Ground maakt gemeenten tevens minder afhankelijk van hun vaste leveranciers en geeft inwoners en ondernemers meer en beter inzicht in de wijze waarop met hun gegevens wordt omgegaan. Uitgangspunt daarbij is dat je als gemeente leveranciersonafhankelijk kunt functioneren en controle hebt over je eigen data.

Deze nieuwe manier van werken heeft een grote impact op gemeenten, onder meer omdat het belangrijker is om een groter zelfbewustzijn te ontwikkelen en een beter opdrachtgever te zijn. Daarnaast verschuift de backoffice steeds meer naar shared service organisaties.”

“Gemeenten raken steeds meer met elkaar verbonden, bijvoorbeeld door middel van samenwerkingsverbanden die zijn aangaan.”

Robuuste nationale infrastructuur

“Over vijf tot tien jaar denk ik dat we die transitie hebben doorgemaakt. We zijn dan flexibeler in het aanpassen en combineren van onze dienstverlening. Dit kan echter alleen effectief zijn als er een robuuste nationale infrastructuur staat. Daarom moeten we samen met onze ketenpartners optrekken in deze transitie.”

Over de VNG

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) werkt aan een krachtige lokale overheid. Dat doet zij door agendasettend te zijn op voor gemeenten relevante vraagstukken en ontwikkelingen, en door de lokale uitvoering centraal te stellen bij maatschappelijke opgaven.

Standaardisering en samenwerking

“Ik zie grote kansen in standaardisering. Dat kan misschien stoffig lijken, maar het betekent ook dat gemeenten gezamenlijk nadenken over wat voor organisatie zij willen zijn. Denk daarbij aan afspraken over gezamenlijk inkopen, intellectueel eigendom en het omgaan met data. Door op te treden als één markt kunnen we hier verder in komen.

Er zijn een aantal drivers die samenwerking aansporen. Zo kan gezamenlijk inkopen bijvoorbeeld de kosten drukken. Ook op het gebied van kennisdeling kunnen kleine gemeenten veel voordeel hebben van de samenwerking met grote gemeenten. Gezamenlijke ontwikkeling en uitvoering voorkomt ook dat we per gemeente het wiel opnieuw aan het uitvinden zijn.”

Waar haal je de kennis vandaan om te komen tot de gemeente van Morgen?

Tegengestelde trends

“Aan de ene kant is meebewegen naar de gemeente van Morgen door de vergrijzing best lastig. Aan de andere kant zien we ook een maatschappelijke trend waarin jongeren zich veel minder door geld laten leiden en meer door ‘purpose’ en zingeving. Zij willen graag aan de slag bij de overheid. De goede arbeidsvoorwaarden en de vrijheid om creatief te zijn, zorgen ervoor dat jongeren bij gemeenten willen werken.

Dat geeft hoop voor vernieuwing. Daarnaast kun je ook flexibiliteit stimuleren, bijvoorbeeld door medewerkers te laten switchen tussen een rol bij een gemeente en een uitvoeringsorganisatie.”

De gemeente van nu

“Op dit moment zie je in het gemeentelijke veld organisaties die heel divers zijn. Ze zijn met veel bevlogenheid bezig problemen op te lossen. Binnen gemeenten komen allerlei processen bij elkaar, die daar moeten worden geïntegreerd. Bij het samenvoegen van die processen merk je waar de knelpunten zitten. Die wil je kunnen opsporen. Gemeenten worstelen nu met de afweging tussen enerzijds autonoom willen zijn, terwijl het anderzijds ook wel makkelijk is als er een standaard, leidraad of gezamenlijke afspraak is.

Het delen van informatieoplossingen en -systemen zorgt voor flexibiliteit in de dienstverlening en software, waarmee je informatie-uitwisseling tot stand kunt brengen. Dat leidt dan weer tot een versnelling in het nemen van besluiten, vergunnen of de dienstverlening aan de samenleving. Je hebt als bestuurder echter ook te maken met het maatschappelijke en politieke debat. Hoe ver wil je gaan? En wat wil je doen met informatieverknoping?”

“Gemeenten worstelen nu met de afweging tussen enerzijds autonoom willen zijn, terwijl het anderzijds ook wel makkelijk is als er een standaard, leidraad of gezamenlijke afspraak is.”

Privacy-vraagstuk

“Dit zijn actuele vraagstukken waar je twee belangrijke drivers ziet. Aan de ene kant zijn er de primaire processen, zoals fraudebestrijding en veiligheidsbevordering. Door het gebruik van data kunnen organisaties betere voorspellingen doen en de dienstverlening verbeteren. Aan de andere kant heb je ook te maken met een aantal grondrechten, bijvoorbeeld rondom privacy, waarbij het de vraag is of je wel altijd alles wilt delen. Heb je dan immers niet een soort Big Brother-staat georganiseerd?

Mijn beeld is dat er op dit moment te weinig politiek debat op dit onderwerp wordt gevoerd. Er moet goed per dossier worden afgewogen wat acceptabel is. Daarom ben ik ook blij met een aantal rapporten dat hierover is verschenen. Hierdoor is dit vraagstuk meer in de media naar voren gekomen. Het wordt nu ook in topambtelijke overleggen besproken.”

Digitalisering op de agenda

“Zelf probeer ik de digitalisering en de daaruit voortkomende maatschappelijke vraagstukken zoveel mogelijk op de agenda te zetten. Ik zie deze echter nog niet terug in de Tweede Kamer of in de verkiezingsprogramma’s van politieke partijen. Ik zou het mooi vinden als partijen zich hierover zouden uitspreken bij de toekomstige (gemeenteraads-) verkiezingen.”

Hoe komen we tot de gemeente van Morgen?

Sleutelmoment

“Een belangrijke verandering heeft al in 2017 plaatsgevonden. Die verandering houdt in dat gemeenten niet meer alleen opereren, maar steeds meer de samenwerking opzoeken. Hun autonomie blijft overeind, maar juist in de backoffice en bij het tot stand brengen van informatieproducten, werken we samen. Bijvoorbeeld door het instellen van het fonds Gezamenlijke Gemeentelijke Uitvoering (GGU).

De VNG wordt hierbij gebruikt als vehikel voor het realiseren van ambities van de gezamenlijke gemeenten. Dit vormt een sleutelmoment. Het was niet makkelijk om daar te komen. Het is het resultaat van een proces dat al tien jaar loopt.”

Participatieve instrumenten

“De transitie in de komende vijf jaar zal voornamelijk in het teken staan van infrastructuur waarlangs gemeenten gezamenlijk besluiten nemen over standaardisering. Dit biedt een structuur voor samenwerking en het organiseren van financiering. We staan nu op het punt om daar concreet invulling aan te geven. De elementen liggen er; nu moeten we ze gaan gebruiken. Zo komen we samen vooruit.

Om de gemeente als één overheid en als ontmoetingsplein in de dienstverlening te positioneren, moeten we grote stappen zetten. Bijvoorbeeld door nog meer participatieve instrumenten in te zetten en op een andere manier in gesprek te gaan met inwoners en het bedrijfsleven.”

“Het veranderkundige gesprek wordt naar mijn weten niet genoeg gevoerd, veel gebeurt ad hoc.”

Het transitievraagstuk

“Als VNG kunnen we de participatieve instrumenten verder brengen, om daarmee gemeenten te ondersteunen. Iedere gemeente weegt voor zichzelf af of zij die instrumenten inzet. Gemeenten ervaren dat ook verschillend. Wel proberen we met elkaar af te spreken welke standaarden we hiervoor gebruiken.

Ik kan over de toekomstige situatie dromen en ik kan de huidige situatie beschrijven, maar de vraag van transitie is een heel ingewikkelde. Hierbij spelen veel factoren een rol. Ik ben dan ook veel bezig met de vraag hoe dat transitietraject eruit ziet. De strategische keuzes die je daarin maakt, vind ik een uitdaging.

Het veranderkundige gesprek wordt naar mijn weten nog niet genoeg gevoerd, veel gebeurt ad hoc. Waar ik ook over wil nadenken is de succesplanning. Hoe houd je energie in het proces? En hoe houd je de aandacht vast rondom digitalisering? Dit lijken me mooie uitdagingen, die gemeenten gezamenlijk in de nabije toekomst vorm gaan geven.”

meer over de gemeente van Morgen

Gemeente van Morgen

Dit interview maakt deel uit van een serie gesprekken met gemeentesecretarissen, bestuurders en andere gezichtsbepalende personen binnen het gemeentelijk domein over de gemeente van Morgen. Hierbij kijken we zowel naar ontwikkelingen in de gemeentelijke sector voor de komende vijf jaar als naar de situatie van vandaag, om vervolgens te bepalen wat er nodig is om van vandaag naar morgen te bewegen.