Actueel / Overheid

De kunst van beter samenwerken rondom ex-gedetineerden

Ex-gedetineerden blijvend op het rechte pad. Dat willen we toch allemaal? Maar hoe beheersen we de risico’s na vrijlating én bevorderen we resocialisatie van ex-gedetineerden in de samenleving?

Een uitdaging die steeds groter wordt doordat de problematiek van gedetineerden zwaarder wordt en de mogelijkheden (zoals snel een passende woonplek vinden) minder en minder. Gemeenten, reclassering en justitiële inrichtingen werken hiervoor met elkaar samen. De gemeente heeft een sleutelrol in het hulpverleningsproces na detentie. Wat zijn de uitdagingen en hoe kunnen ze verlicht worden? We zien mogelijkheden om tot meer vooruitgangskracht te komen door betere samenwerking in het netwerk.

Waarom is goede resocialisatie belangrijk

Goede terugkeer naar de samenleving van ex-gedetineerden gaat ons allemaal aan. Diverse incidenten zoals de hongerstaker in Dordrecht en de brandstichter van tankstation in Hoorn maken dit duidelijk. In beide gevallen was er voor de ex-gedetineerden geen opvangplek en passende hulp beschikbaar wat resulteert in verzet. De ex-gedetineerde uit Hoorn was, ondanks inzet van de gemeentelijk nazorg, zelfs zo boos dat hij geen woning kreeg dat hij een tankstation in brand stak.

De krapte op de woningmarkt betekent ook schaarste aan sociale huurwoningen. Dit vormt een grote uitdaging voor gemeenten. Ex-gedetineerden staan met vele andere groepen in de wachtrij voor een sociale huurwoning, zoals o.a. statushouders, inwoners met een urgentieverklaring en mensen in de maatschappelijke opvang.

Maar re-integratie gaat niet alleen om een woonplek. Het betreft ook andere materiele en immateriële zaken zoals werk/dagbesteding, ID-bewijs, schulden, opbouw van steunend sociaal netwerk en psychische hulp. Maatschappelijke ongelijkheid resulteert in een groeiende groep ex-gedetineerden met pittige aan elkaar verwerven problemen op verschillende leefgebieden. De verantwoordelijkheid voor re-integratie ligt grotendeels bij de gemeente waar de ex-gedetineerde het laatste ingeschreven stond.

Huidige situatie: Gemeentelijke rol in nazorg ex-gedetineerden is omvangrijk en uitdagend

Gemeenten hebben veel taken, maar beperkte middelen. Bovendien wordt de problematiek bij inwoners steeds complexer. Vanuit de Wmo (2015) hebben gemeenten bijvoorbeeld de taak om de eigen kracht van burgers te bevorderen; zij begeleiden en ondersteunen daarom onder andere bij het vinden van dagbesteding, de plaatsing van mensen met psychische problematiek in beschermde woonvormen en ondersteunt slachtoffers van huiselijk geweld of dak- en thuisloosheid. Ex-gedetineerden zijn dus niet de enige kwetsbare inwoners.

De Wet Straffen en Beschermen die in de zomer van 2021 van kracht werd, maakt de gemeenten nog explicieter verantwoordelijk voor re-integratie van ex-gedetineerden. Daar speelt bovenstaande problematiek veelal ook. De inzet voor de re-integratie verschilt enorm van gemeente tot gemeente. Niet altijd kiezen gemeenten voor een specifieke doelgroepaanpak of -begeleiding van ex-gedetineerden. Uit kostenoverweging of visie kiest men soms voor de inrichting van de begeleiding via een sociaal wijkteam, of is er vrijwel geen begeleiding mogelijk op de zes leefgebieden (wonen, werk/dagbesteding, ID-bewijs, schulden, psychische zorg en sociaal netwerk). Het is echter een bijzondere groep zorgvragers waarvoor een gedegen aanpak en specifieke expertise vereist is.
Het Bestuurlijk Akkoord Kansen bieden voor re-integratie (2019) beaamt dit. Het akkoord is een intentieverklaring van de Vereniging Nederlandse Gemeenten, Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) en de drie reclasseringsorganisaties (3RO) om gezamenlijk te werken aan re-integratie. De samenwerking tussen casemanager, reclasseringswerker en gemeenten zou complementair moeten zijn, waarbij eenieder werkt vanuit eigen taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden.

Kans: Re-integratie als reclasseringsexpertise beter benutten

De Reclassering heeft met bijna 200 jaar expertise een stevige positie in het Nederlandse rechtssysteem. De organisaties richten zich op het verminderen van recidive en dragen op die manier bij aan het vergroten van de maatschappelijke veiligheid. Hiertoe werkt de reclassering dagelijks samen met veel verschillende partijen. Reclasseringswerkers adviseren aan het Openbaar Ministerie, de rechtbank of het gevangeniswezen over de juiste interventies om het gevaar en/of de recidiverisico’s te verminderen. Zij schrijven dit advies op basis van een gedegen inschatting van de risico’s, houden toezicht op hen en geven uitvoering aan interventies en de werkstraf. De reclassering beschikt daarom over waardevolle expertise waar de gemeenten en casemanagers binnen DJI gebruik van kunnen maken.

Vooruitgangskracht in samenwerking: 5 tips

Om te zorgen voor een goede re-integratie in de samenleving moet door de gemeenten niet alleen met woningcorporaties en zorg- en welzijnspartijen worden samengewerkt, maar ook met de reclassering en DJI.

In het bijzonder omdat re-integratie maatwerk is. Want elke gedetineerde heeft een ander verhaal en andere problematiek waardoor er iets anders nodig is. Je hebt elkaar als professionals écht nodig om het juiste te kunnen bieden voor elke ex-gedetineerde.

In 2022 is binnen DJI een start gemaakt met de implementatie van het landelijk programma ‘Samen Starten’. Het doel van dit programma is om de samenwerking tussen DJI en de Reclassering te intensiveren. Door bij de instroom in detentie zo vroeg mogelijk expertise en informatie over alle gedetineerden samen te brengen, ontstaat er een completer beeld over de gedetineerde voor het detentie & re-integratie (D&R) plan. Bij de uitvoering van deze werkwijze wordt nadrukkelijk de samenwerking gezocht met gemeenten en andere belangrijke ketenpartners, zoals ook vastgelegd in het Bestuurlijk Akkoord. Maar óók gemeenten hebben baat bij verbetering van de samenwerking in het netwerk.

Hoe richt je dan die samenwerking verder in? Vanuit onze ervaring met netwerksamenwerking geven wij de volgende concrete adviezen die we ondergebracht hebben in 5 centrale tips.

Tip 1: Meer (en ook eerder) contact en risico-inschatting op casusniveau als gedetineerde nog vast zit

  • Specifieke expertise is nodig om risico’s goed te kunnen inschatten (zie kader hierboven).
  • Op tijd, want dan kan er (mogelijk) nog iets geregeld of geanticipeerd worden.
  • Houdt de lijnen kort door bij elkaar in de buurt te werken.
  • Stem de verschillen van ketenpartners af. (Denk bijvoorbeeld aan visie op risicomanagement en behoeftes.)
  • Wijs afgestemd op de specifieke situatie van de gedetineerde een regiehouder aan die het voortouw neemt.
  • Voorkom daarmee ‘paniekvoetbal’ en werk op deze manier efficiënter.

Tip 2: Werk en denk vanuit klantperspectief door het sociaal netwerk te betrekken om eigen kracht te versterken

  • De gedetineerde staat centraal. Betrek de gedetineerde zelf en steunende sleutelfiguren in het sociaal netwerk bij het maken van een plan van aanpak.
  • Het activeren van zelfredzaamheid helpt bij duurzame trajectbegeleiding.
  • Trek lering uit best practices m.b.t. het stimuleren van eigen kracht. Binnen de Reclassering Nederland kan gedacht worden aan Bureau Buitenland en de COSA cirkel (zie hieronder).
  • Stuur er als professional op aan dat het sociale netwerk betrokken blijft.
  • Draag deze boodschap ook uit naar andere hulpverleners.
  • Vergroot hiermee de motivatie om te veranderen en de slagkracht van de gedetineerde.

De COSA Cirkel: Inclusie werkt!

Terugkeren in de samenleving na detentie is moeilijk. In het bijzonder voor zedendaders. Hun sociale kring accepteert hen vaak niet meer met sociale isolatie tot gevolg. Eenzaamheid is nu net een factor die het risico op recidive groter maakt bij zedendaders. Daarom wordt er binnen reclasseringsprogramma COSA een cirkel van vrijwilligers en professionals om een zedendader heen gevormd. Zo’n cirkel bestaat ongeveer 2,5 jaar en wordt opgeheven als de doelen behaald zijn en de dader geen ondersteuning meer nodig heeft.

Tip 3: Win advies in gedurende ondersteuning vanuit het sociaal wijkteam

  • Risico-inschatting is telkens een momentopname, de situatie kan veranderen (met veel impact) dus behoud contact met ketenpartners in het bijzonder in de gevallen waar het risico hoger is.
  • Advies inwinnen kan ook voor preventie mits geanonimiseerd.
  • Zorg voor tijdig onderzoek naar licht verstandelijke beperking en begeleiding naar passende hulp (GGZ of forensisch, beschermd wonen e.d.); een casusregisseur (indien aanwezig) kan hierin belangrijke rol spelen.
  • Voorkom alsnog escalatie of recidive en vergroot de mogelijkheden om voort te zetten wat al goed werkt.

Tip 4: Overleg op regionaal niveau over de concrete knelpunten voor een oplossing

  • Laat het maatschappelijk belang belangrijker zijn dan al dan niet ‘regiobinding’.
  • Denk out of box, want knelpunten kun je ook regionaal aanpakken.
  • Onderzoek de mogelijkheden van regiospreiding en regionale samenwerking of kennisbundeling wanneer uitdagingen te groot zijn.
  • Versterk de samenwerking door meer afstemmomenten en voorkom hiermee maatschappelijke uitsluiting van ex-gedetineerden.

In de veiligheidsregio Noord-Holland Noord onderzoeken gemeenten, zorg- en veiligheidshuis, reclassering en DJI samen de huidige stand van zaken van de nazorg en resocialisatie van ex-gedetineerden. Onderzocht wordt hoe de nazorg in de drie subregio’s en 16 gemeenten is georganiseerd, wat er goed gaat en wat er beter kan. Op basis van de uitkomsten wordt bekeken of verbeterpunten regionaal opgepakt kunnen worden. Daarnaast worden lokale best practices binnen de regio breed gedeeld, zodat partijen van elkaar kunnen leren.

Tip 5: Samenwerking begint op casusniveau maar heeft meer impact op tactisch en strategisch niveau

  • Zet voort wat al goed gaat. Gemeenten werken strategisch al veel samen met sociaal- en veiligheidsdomein. Voeg hier de reclassering als partij aan toe.
  • Betrek ook kleine en middelgrote gemeenten actief op tactisch en bestuurlijk niveau.
  • Stimuleer en faciliteer multidisciplinaire uitvoeringsteams om de best mogelijke prestaties te leveren.
  • Zorg ervoor dat binnen de samenwerking op casusniveau de gezamenlijk gedragen maatschappelijke opgave steeds op de agenda blijft staan.
  • Faciliteer in tijd voor onderhouden van het netwerk om goede samenwerking mogelijk te maken; overbrug hiermee het gat tussen beleid en uitvoering.

Met kleine stappen komen we samen verder

De doelgroep ex-gedetineerden heeft écht een bijzondere uitdaging, waarbij het nodig is dat we stappen vooruit maken om de samenwerking in het netwerk te verbeteren. Vanuit maatschappelijk oogpunt, menswaardigheid en kostenefficiëntie is het belangrijk om voor deze doelgroep goede zorgplicht in te vullen als gemeenten en ketenpartijen. De ambities zijn groot, zoals in het Bestuurlijk Akkoord, maar niet altijd realistisch voor de uitvoering. Maar met kleine stappen en vanuit de insteek dat we samen slimmer zijn, komen we verder. Dus betrek elkaar meer in de gemeentelijke nazorg en optimaliseer de samenwerking!

Verder praten?

Wil je doorpraten over dit onderwerp of heb je ondersteuning nodig bij de verbetering van jullie samenwerking? Neem dan contact op met Laura Cleofa of Louise Henderickx.

Meer lezen?

Lees meer over netwerksamenwerking.

Bekijk alle artikelen
Interview

Netwerksamenwerking gaat om investeren in persoonlijke contacten

05-08-2022 5 minuten
Lees meer
Artikel

Drie hiccups van netwerksamenwerking – en hoe ze op te lossen

19-04-2022 5 minuten
Lees meer
Artikel

Krachten bundelen met netwerksamenwerking

03-03-2020 < 1 minuut
Lees meer
Interview

De City Deal als bruggenbouwer

05-03-2021 5 minuten
Lees meer
Interview

Leiderschap in een netwerk vraagt om verplaatsen in de ander

29-06-2021 4 minuten
Lees meer
Artikel

Zo start je een regionale samenwerking met resultaat

23-02-2021 7 minuten
Lees meer