Deze website maakt gebruik van cookies melding sluiten
Zorg

Verslag webinar ‘De praktijk van regionale en netwerksamenwerking in de zorg’

Op 3 maart vond het webinar ‘de praktijk van regionale en netwerksamenwerking in de zorg’ plaats. Het kabinet ziet het intensiveren van zulke samenwerkingen als cruciale pijler om de kwaliteit, betaalbaarheid en toegankelijkheid van de zorg te kunnen blijven garanderen. Tijdens het webinar spraken Heleen van Nispen (Programmadirecteur Zoetermeer 2025), Ingeborg Been (Strategisch Zorgontwikkelaar VGZ) en Frank van Berkel (partner van Morgens) over de beweging naar regionale en netwerksamenwerking in de zorg.

De vragen die aan bod kwamen in het webinar zijn: Hoe intensiveer je samenwerking in de regio en in netwerken? En is regionale en netwerksamenwerking wel het wondermiddel om de toekomst van de zorg te waarborgen? In deze blog geven we een korte weergave van het webinar.

Praktijkcasus: Heleen van Nispen over Zoetermeer 2025

Heleen van Nispen, programmadirecteur van regionaal transitieprogramma Zoetermeer 2025, trapte af. Zoetermeer 2025 is een samenwerking tussen zorgaanbieders uit de regio, de gemeente Zoetermeer en zorgverzekeraars Menzis en CZ.  Zoetermeer is nog niet zo lang onderweg met het samen met partners bouwen aan een gezonde regio, maar een stevig fundament voor lokale samenwerking is wel gelegd. De urgentie was er dan ook. Zoetermeer groeit snel en is in korte tijd gedaald van plek 37 naar 169 op de ranglijst van aantrekkelijkheid van in totaal 350 gemeenten.

Heleen van Nispen

De zorg is een belangrijke component in de ambitie om Zoetermeer weer aantrekkelijker te maken. De impact van snelle vergrijzing, een relatief lage sociaal-economische status (SES), veel eenzaamheid, overgewicht en mensen met een ongezonde leefstijl, legt nu al grote druk op mantelzorgers. En ook bij professionele zorgaanbieders is de werkdruk hoog en personeel schaars. De gemeente, zorgaanbieders en verzekeraars deelden dan ook één conclusie: we móéten iets doen!

Zoetermeer heeft een aantal voordelen die helpen om netwerksamenwerking van de grond te krijgen, zoals goed georganiseerde huisartsen, één ziekenhuis dat zich moet profileren en met 125.000 inwoners een behapbare omvang. Maar dan nog: hoe krijg je alle betrokkenen en belanghebbenden in een netwerk verbonden?

Wat in ieder geval hielp, was het uitwerken van een gezamenlijk ambitiekader: de gezondheid van inwoners verbeteren, de kwaliteit van zorg en welzijn verhogen, en de kosten voor zorg en welzijn verlagen. De samenwerkingspartners spraken een transitiebudget af, bovenop het huidige kostenniveau van zorg en welzijn. Dat extra transitiebudget wordt geïnvesteerd om de stijging van de vraag en andere effecten van de demografische ontwikkeling op te vangen en zo de totale kostenstijging in de komende jaren beperkt te houden: het dichten van de kloof.

De volgende stap was het uitwerken van een inhoudelijke visie en organisatieconcept. Kerngedachte achter het concept van Zoetermeer 2025 is de zorg organiseren rondom de burger, zodat deze zo lang mogelijk thuis kan blijven wonen. Heleen benadrukt dat het realiseren van zo’n concept geen project of programma is, maar echt een transitie, waarvoor je de beweging actief moet gaan creëren. Dat betekent stakeholders mobiliseren en de professionals ‘in the lead’ zetten.

Een cruciaal moment was de Zoetermeer-tweedaagse in oktober met 90 zorgprofessionals, bestuurders, kwartiermakers en financiers. “In die 2 dagen hebben deelnemers de urgentie samen doorleefd, de visie gedeeld en deze in werksessies vertaald naar de verschillende doelgroepen. Tijdens deze twee dagen ontstond bij deze ‘Gideonsbende’ het besef dat dit een uitdaging is die je echt alleen samen aankunt en waarvoor je elkaar nodig hebt.”

Inmiddels is de oorspronkelijke Gideonsbende van de tweedaagse zo ongeveer vertienvoudigd. En werkt Zoetermeer aan regionaal capaciteitsmanagement, als belangrijke drijvende kracht van de samenwerking. De governance van die samenwerking is belangrijk, maar niet de spil, volgens Heleen: “Governance, begin er niet mee, maar zorg wel dat je op de goede momenten een strik eromheen doet en een mijlpaal zet.”

Ingeborg Been: bouw het netwerk rondom de patiënt

Ingeborg Been, Strategisch Zorgontwikkelaar bij VGZ, werkte eerder bij VWS, onder andere aan het programma De Juiste Zorg Op de Juiste Plek (JZOJP). De 3 V’s van dat programma (voorkomen, vervangen, vernieuwen) heeft iedereen wel eens voorbij zien komen. Maar veel minder mensen kennen het centrale uitgangspunt van JZOJP: de mogelijkheid voor mensen om in de context van ziekte zo goed mogelijk te blijven functioneren.

Ingeborg plaatste de discussie over regiosamenwerking in dit perspectief. De kern van haar betoog: als we niet de zorg voor, maar het functioneren van mensen als uitgangspunt nemen, laten we dan het netwerk ook rondom die patiënt doorontwikkelen. Oftewel: netwerk? Ja. Formaliseren van de regio? Mwah.

Ingeborg Been

Ter illustratie gaf Ingeborg voorbeelden uit haar eigen situatie, maar ook internationale voorbeelden over digitalisering van de zorg van Lucien Engelen. Zoals Walmart, dat in de VS een breed palet aan laagdrempelige zorg- en welzijnsdiensten van hoge kwaliteit aanbiedt. En daarbij ook nog eens een aantrekkelijke werkgever is, waardoor SEH’s in de buurt zowel personeel als klandizie verliezen. Engelen stelt verder dat 70% van de huidige zorg in de toekomst thuis kan plaatsvinden. En de patiënt wordt zelf de manager van de eigen zorg èn de eigen data.

Conclusie van Ingeborg: De impact van digitale zorg en innovatie gaat er ook bij ons komen en dit gaat het zorglandschap ingrijpend veranderen.

En dat is goed nieuws. De samenleving is gebaat bij het goed functioneren van patiënten, denk bijvoorbeeld aan de juf op school met een chronische ziekte. Iedereen wil liever dat zij les geeft dan dat zij naar de poli moet. Of denk aan de uitstoot van CO2 die kan worden bespaard. Of het kunnen beschikken over thuis gemonitorde gegevens van een hele maand, in plaats van één puntmeting in het ziekenhuis.

Ingeborg: “Een goed netwerk helpt de patiënt beter functioneren. Dat netwerk bestaat uit meer dan zorgaanbieders, ook vrienden, familie en buren. En alle schakels in dat netwerk rond de patiënt zijn gebaat bij goede digitalisering en gegevensuitwisseling, bij partijen die van elkaar weten wat ze doen, die hun activiteiten op elkaar laten aansluiten en die weten wat belangrijk is voor de patiënt. Er kan op dat gebied nu al zoveel moois. En inderdaad, het huidige stelsel biedt ook de ruimte om het niet te doen. Maar hebben we het formaliseren van de regio echt nodig om dat netwerk samen vorm te geven?” Ingeborg pleit dus voor een alternatief debat.

De ervaringskennis van Frank van Berkel, partner bij Morgens

Ook Frank is geen voorstander van het formeel afdwingen van regionale samenwerking via een stelselwijziging. Maar hij constateert wel, vanuit de vele praktijkvoorbeelden die hij kent, dat goede samenwerking in een netwerk opzetten niet gemakkelijk is.

Als we het alleen aan de goede wil van bestaande partijen overlaten om elkaar te vinden, gaat de ontwikkeling naar netwerksamenwerking vrijwel zeker te langzaam. Wachtlijsten voor ziekenhuizen en intramurale verpleeghuiszorg namen voor de Covid-crisis al toe en zullen, als Covid straks wegebt, opnieuw sterk toenemen. En als we niks doen zijn volgens VTV (Volksgezondheid Toekomst Verkenning, 2018) in 2040 de zorgkosten verdubbeld en hebben we tegen die tijd een kwart van de totale beroepsbevolking nodig in de zorg.

Frank van Berkel

Frank ziet in de praktijk dat meerdere factoren het succesvol opzetten van netwerksamenwerking in de weg zitten. Bijvoorbeeld dat elke partner ook een eigen organisatiebelang heeft. Dat niemand zich integraal verantwoordelijk voelt voor ontwikkeling en beheer van het totale netwerk. Dat een voldoende concrete gezamenlijke ambitie ontbreekt. Dat wetgeving en de wijze van financiering een belemmering vormen. Dat een goede governance en vaak ook implementatiekracht in de praktijk ontbreken. En dat er in de afgelopen jaren in elke regio al zo’n woud aan netwerken is opgezet dat je daardoorheen de burger, cliënt of patiënt niet meer ziet.

Enige regie bij het opzetten van netwerksamenwerking is dus gewenst, maar Frank waarschuwt  voor de valkuil om daarvoor een nieuwe bureaucratische laag te creëren. Liever wijst hij op de 10 belangrijkste succesfactoren van goede netwerksamenwerking en roept partijen op om daar samen aan te werken. Dit doen in de context van de regio, waarin bestuurders van lokale overheid, zorgaanbieders en steeds meer ook verzekeraars elkaar al goed kennen, is dan een logisch vertrekpunt.

afbeelding Succesfactoren
Succesfactoren voor regionale en netwerksamenwerking

Een paar succesfactoren licht Frank eruit. Het begint wat hem betreft bij het patiënt-/cliënt-/inwonerperspectief. Elkaar vinden in de wil om daar de beste zorg voor te organiseren. Dat perspectief geeft namelijk houvast om een collectieve ambitie te formuleren. En die ambitie is niet alleen relevant voor de samenwerking zelf. De organisaties die onderdeel uitmaken van het netwerk, moeten de gezamenlijke ambitie ook vertalen naar de veranderagenda van het eigen bedrijf.

Maar uiteindelijk gaat het in de basis om de vraag: kunnen we elkaar vertrouwen? En juist daarom is het afdwingen van samenwerking geen goed idee. Vertrouwen in elkaar kùn je immers niet afdwingen. “Het is nodig dat partijen elkaar kennen, dat ze elkaar iets gunnen, maar ook - als het nodig is - bereid zijn om wat pijn te lijden.”

Frank sloot af met een korte beschouwing van hoe een succesvolle samenwerking op basis van de 10 succesfactoren eruit zou kunnen zien.

Aan de slag met samenwerking?

Heb je vragen over regionale of netwerksamenwerking? Of wil je hiermee zelf aan de slag? Neem contact op Frank van Berkel (e-mail: vanberkel@morgens.nl, telefoon 071 - 3313 640).

Contact opnemen
Ontvang gratis Morgens Magazine

Ontvang gratis inspiratie, kennis en updates! Schrijf je in op onze nieuwsbrief & ontvang Morgens Magazine gratis in je mailbox.

Door op verzenden te klikken ga je akkoord met de Privacyverklaring van Morgens